Christine Stam, schreef het boek Homo in de biblebelt

“Het lezen van persoonlijke verhalen kan helpen homoseksualiteit bespreekbaar te maken”

’Uit de kast gekomen, in de kerk gebleven’ Het is de ondertitel van het boek Homo in de biblebelt dat Christine Stam schreef. Een ondertitel die keuzes suggereert. Dat zijn het ook, uitgesproken keuzes zelfs. Want de verhalen in het boek zijn van mensen die kozen voor openheid over wie zij zijn én voor een leven gewijd aan God. Daarbij kozen zij voor een bewust single bestaan.

Portretfoto van Christine

“Het was spannend of we genoeg mensen voor dit boek konden vinden”, zo begint Christine Stam het gesprek. Daarmee doelt ze op het vinden van mensen die naar buiten willen en durven treden met hun verhaal, en daarmee hun identiteit. Het is dan ook een specifiek onderwerp: bewust single door het leven gaan. Accepteren wie je bent, tegelijkertijd je homoseksualiteit niet praktiseren omdat je je relatie met God vooropstelt, en omdat je graag onderdeel wilt blijven van de geloofsgemeenschap waar je je zo thuis voelt. Wat betekent het om er op grond van de Bijbel voor te kiezen om geen partnerrelatie aan te gaan met iemand van hetzelfde geslacht? Hoe reageert de geloofsomgeving op hun openheid en keuzes? Wat hebben single christen-homo’s in de kerk en samenleving nodig? Stam, zelf heteroseksuele christen, was nieuwsgierig en ging op onderzoek uit.

“Mensen willen er best over praten, maar weten vaak gewoon niet hoe ze een gesprek moeten openen.”

Betrokkenheid en zichtbaarheid

Veel begint met nieuwsgierigheid, maar voor Stam was er een diepere aanleiding om het boek – samen met Ineke de Jong – te schrijven. Ze had mensen in haar omgeving die worstelden met hun geaardheid in de context van geloof en een leven met God. “Die worsteling is op zich al pijnlijk, maar ik zag dat het gepaard gaat met veel meer, eenzaamheid en verdriet bijvoorbeeld”, vertelt Stam. “Dat innerlijke gevecht, het gevoel van jezelf niet mogen en kunnen zijn, dat gun je niemand. Ik voelde me erg begaan met die mensen. Die betrokkenheid wilde ik concreet maken. Een vriend wees me op Hart van Homo’s, een stichting die jongeren met een geloofsachtergrond wil helpen om samen met God een plaats te geven aan hun homoseksualiteit. Dat sprak me enorm aan, en inmiddels ben ik alweer een aantal jaren bestuurslid.”

 

Haar rol binnen de stichting maakt het voor Stam mogelijk zich actief in te zetten voor meer zichtbaarheid van homo’s binnen de reformatorische, evangelische en gereformeerde kerken of gemeenten. Open zijn over je geaardheid is lastig in een orthodox-christelijke omgeving, weet Stam, zelf lid van een reformatorische kerkelijke gemeente. “Het is lastig, en bovendien jammer dat dit zo is. Daar wilde ik wat mee doen.

Zo ontstond het idee om een boek te schrijven over de mensen die in die moeilijke situatie zitten. Ik wilde ze bevragen en de ruimte geven om te vertellen, zodat men erover kan lezen en leren; op deze manier krijgt zowel de kerkelijke als niet-kerkelijke lezer een inkijkje in de leef- en denkwereld van christen-homo’s. Het boek is een middel om deze groep meer zichtbaar te maken en het gesprek op gang te brengen.”

Foto van Christine in haar woonkamer, met het raam als achtergrond

Sterkere band met God

“Als je zegt ‘dit kan en mag niet’ dan moet daar wél een hoop liefde en warmte tegenover staan”

Stam en medeschrijfster De Jonge spraken dertien mensen, elk met een heel persoonlijk verhaal, en met eigen ervaringen rondom hun coming out – van verschrikkelijk en zwaar tot gemakkelijk en liefdevol. Wat de meeste geïnterviewden gemeen hebben, zo viel Stam op, is dat het authentieke, sterke mensen zijn, ze staan stevig in hun schoenen. “De meeste personen met wie wij spraken, vertelden over hun sterke, intieme band met God. Als je de romantische liefde niet met een mens hebt dan heb je soms een des te sterkere liefdesband met God. Dat kan natuurlijk nooit hetzelfde zijn, maar vaak ervaren zij een dusdanig diepe band met God dat dit het niet hebben van een partner dragelijk maakt. Bij velen blijft er wel een leegte of verlangen naar een partner, maar die liefdevolle band maakt ook dit dragelijk. God kan aan hen meer van zijn liefde kwijt, lijkt het wel. Juist ook daarop wilde ik mijn gesprekspartners bevragen: Hoe werkt dat dan? Wat ontvang je dan van God?”

“Dit is niet voor iedereen weggelegd, veel homo’s geven aan dat bewust single leven voor hen niet te doen is”, vult Stam aan. “Maar voor sommigen is het een even onvermijdelijke als bewuste keuze. Eén van de verhalen in het boek is bijvoorbeeld van een man die gelukkig was in een relatie, verliefd tot over zijn oren en een diep houden van. Toch voelde hij dat God iets anders van hem vroeg; hij gaf zijn relatie en liefde op en koos voor God. Dat zijn bijzondere en vooral ook intense, hartverscheurende verhalen.”

024a9949 Barbaratrienenphoto Christinestam Hr Overgeoofenliefde

Stilte vanuit verlegenheid

Voor Stam komt het schrijven over dit onderwerp ook voort uit een gevoel van strijdvaardigheid, of in elk geval uit een geloof in gelijkwaardigheid en liefde voor ieder mens. “Als je als kerk zegt, of als je gelooft dat de Bijbel zegt dat homoseksuele mensen geen relatie mogen aangaan, dan is dat nogal wat. En zeker als je dat moet zeggen tegen jonge mensen, zoals pubers. Wat heb je ze dan te bieden? Dan moet je ze op zijn minst heel warm in je midden ontvangen, en met aandacht begeleiden. Als je zegt ‘dit kan en mag niet’ dan moet daar wél een hoop liefde en warmte tegenover staan.”

Liefde is er wel degelijk binnen de geloofsgemeenschap, aldus Stam. Wat er volgens haar vooral mist, is dat het besproken kan worden. Er is niet eens zozeer haat of verwerping, maar er is bovenal een grote verlegenheid. “Als iemand zegt dat hij of zij homoseksueel is, dan is de reactie van de omgeving vaak nog schrik. Het wordt natuurlijk veelal geassocieerd met zonde. Mensen hebben beelden in hun hoofd, zoals de Gay Pride bijvoorbeeld, waar ze niets mee te maken willen hebben. Vergeten wordt dan wel eens dat achter ‘de homoseksueel’ gewoon een mens zit, en dat die associaties vaak niets te maken hebben met een groot deel van die mensen. Het is echt een stuk verlegenheid, een schaamte en terughoudendheid, waardoor er bij de (jonge) homoseksueel ook wel een gevoel van afwijzing ontstaat. Een gesprek aangaan wordt dan spannend en lastig, voor iedereen.”

Foto van Christine en haar zoon Nicolaas naast elkaar zittend op de bank

“Het gevoel van jezelf niet mogen en kunnen zijn, dat gun je niemand.”

“Zij voelen een dusdanig diepe band met God dat dit het niet hebben van een partner dragelijk maakt”

Vertrouwde taal, passende woorden
Binnen de orthodox-christelijke omgeving blijkt homo­seksualiteit nog een ongemakkelijk onderwerp te zijn. Juist om die reden vindt Stam het belangrijk om er woorden aan te geven. Daar begint het volgens haar ook mee: het bespreekbaar maken, het überhaupt te erkennen, en met elkaar een taal ontwikkelen die past binnen de betreffende kerkelijke omgeving.

“Het is belangrijk dat woorden ingeburgerd raken”, aldus Stam. “Dat vraagt om kleine stappen, want ik merkte bijvoorbeeld dat het woord ‘homo’ al hard aan kan komen bij een oudere generatie binnen een geloofsgemeenschap. Ik sprak eens voor een groep ouders van homojongeren, en van een wat ouder echtpaar kreeg ik het verzoek niet de woorden ‘uit de kast’ te gebruiken. Ze hadden liever ‘anders geaard’. Ik begrijp dat, maar het maakt het gesprek niet gemakkelijker. Ik moet dan zelf ook zo nadenken over wat ik zeg en hoe ik dat zeg. Inmiddels heb ik ontdekt dat het gebruik van concrete, toegankelijke taal makkelijkere en daardoor betere gesprekken voortbrengt.”

Wil je homoseksualiteit bespreekbaar maken, dan speelt taal dus een grote rol. Bewust omgaan met taal en daarin de juiste, passende woorden kiezen. Het helpt om mensen te laten wennen aan het onderwerp en aan het feit dat we erover kunnen praten. “Ik weet wat gevoelig ligt binnen mijn reformatorische omgeving, en ook welke taal vertrouwd is”, vertelt Stam. “Daardoor kan ik het onderwerp op een vertrouwde manier aandragen en openen. Zodat we samen leren hoe je erover praat, en hoe fijn het is dat dat kan en mag. Er zijn zoveel mensen die ermee worstelen; bijna iedereen kent wel iemand in zijn of haar omgeving die homo of lesbisch is. Daar heb je gedachten over. Hoe formuleer je die? Het blijkt elke keer dat mensen het waarderen dat je daar gewoon met elkaar over kunt praten, juist ook binnen de geloofsgemeenschap.”

Gesprek openen en aangaan

Ze merkt dat de wil er is, de wil om erover te praten en met elkaar gedachten en gevoelens uit te wisselen. Stam en haar collega’s van stichting Hart van Homo’s worden dan ook veelal dankbaar ontvangen bij scholen en kerkenraden. “Mensen zijn vrijwel altijd heel dankbaar voor het feit dat wij langskomen en de gesprekken mogelijk maken – het onderwerp is overal aanwezig, soms leeft het aan de oppervlakte, vaak eronder. Als wij er dan zijn om het gesprek te openen en praktische adviezen te geven, dan wordt dat echt gewaardeerd.” In de praktijk willen mensen er dus best of zelfs graag over praten, maar vaak weten ze gewoon niet hoe ze een gesprek moeten openen, en wat ze op zo’n moment kunnen en mogen zeggen, aldus Stam. “Vooraf wordt veelal een beladenheid gezien – door alle gesprekspartners – maar die blijkt er in de meeste situaties niet te zijn, of op zijn minst te verdwijnen zodra een gesprek begint. Als ik ergens kom tast ik eerst af wat ik kan zeggen en hoe ik dat kan zeggen. Ik pas me aan aan de plek waar ik ben. Daarbij is het wel zo dat ik niet al te veel een kameleon probeer te zijn; als ik authentiek en open ben dan is het al gauw goed. Met echtheid en oprechtheid kom je er wel, mensen voelen dat.”

Sfeerfoto

Dichterbij dan gedacht

Door haar werk voor de stichting en door het schrijven van het boek was het thema homoseksualiteit voor Stam aan de orde van de dag, maar het kwam onverwacht nog wat dichterbij. Een aantal maanden na de publicatie van haar boek vertelde haar zoon Nicolaas (17 jaar) dat hij homoseksueel is. “Ik was al zoveel jaren met het onderwerp bezig, maar ik had niet door dat een van mijn kinderen ‘ook zo is’; ik moest in eerste instantie een beetje om mezelf lachen, toen het bezonk was het ook wel een schok. Maar ik was vooral blij dat hij ermee kwam, en dat hij bij ons thuis dus de veiligheid voelde om het te vertellen. Door mijn werk voor de stichting en het schrijven van het boek was homoseksualiteit al regelmatig onderwerp van gesprek, wellicht maakte dat het voor Nicolaas een stukje veiliger en makkelijker om ermee te komen en er met ons over te praten. Zijn geaardheid is nu voor hem geen groot issue, en dat is goed.”

 

Vanuit haar rol binnen de stichting adviseerde Stam al vele ouders over hoe om te gaan en hoe het gesprek aan te gaan met hun homoseksuele kind. Nu was zij zelf ineens die ouder. “Ik had al veel nagedacht over hoe je reageert als een kind bij je uit de kast komt, daar had ik ook voorlichting over gegeven. Ik was blij dat ik die kennis en inzichten paraat had. Onbewust had ik mezelf voorbereid”, vertelt Stam met een glimlach. “Natuurlijk komt het onderwerp dan wel ineens op een ander niveau op je pad, dat raakt je emotioneel en dat moet je zelf en met je gezin een plek geven. Dat kost tijd, ook bij ons. Het is ook wel spannend voor ons als ouders welke weg Nicolaas gaat kiezen. Maar hij moet ruimte krijgen om daar zelf, met God, een keuze in te maken. Dat kunnen wij niet voor hem doen. We bidden voor hem en houden van hem. Elkaar altijd met openheid en liefde blijven bejegenen, daar gaat het uiteindelijk om.”

Handgeschreven brief van Nicolaas over zijn coming out

Nicolaas klom zelf in de pen om zijn coming out-verhaal te delen.

In de pen
Portretfoto van Christine in zij-aanzicht
Portretfoto van Christine in zij-aanzicht

Over Christine Stam

Geboren op 23 januari 1982. Studeerde Kunstgeschiedenis aan Universiteit Utrecht en Illustratie aan Hogeschool voor de Kunsten Kampen. Getrouwd met Jasper Stam, beiaardier, theoloog, docent. Heeft een dochter en drie zoons. Schrijft voor het Reformatorisch Dagblad en andere media, verzorgt lezingen, werkt aan een roman. In 2022 afgestudeerd als psychopastoraal werker. Trainer bij de cursus Psycho Pastorale Toerusting. Mede-auteur van ‘Homo in de biblebelt’, Brevier, 2022. Ook heeft Christine een psychopastorale praktijk en biedt zij coaching aan.